De verschillende ministeries

De eerste ministeries zijn ontstaan in 1815 en mettertijd zijn er steeds meer ministeries bijgekomen. Inmiddels hebben we 12 verschillende ministeries. Bij de ministeries vinden de voorbereidingen plaats als het gaat om het beleid, de wetten en de regelingen. Ook wat betreft het controleren en uitvoeren hebben ze een taak, hoewel deze taken soms ook uitgevoerd worden door externe partijen of rechtspersonen.

Wie is de baas

De minister bepaalt de politieke leiding van een ministerie en de hoogste ambtenaar is de secretaris-generaal. Deze twee werken nauw met elkaar samen. Onder de secretaris-generaal werken weer diverse directeuren-generaal die allemaal voor een gedeelte van het beleid verantwoordelijk zijn. Daaronder zitten weer diverse directies. De overige werknemers bij een ministerie zijn ambtenaren. Heeft een minister een speciale taak maar geen eigen ministerie, dan noemen ze dit een minister zonder portefeuille.

Voor bijna alles is een ministerie

Er zijn verschillende ministeries, zoals het Ministerie van Algemene zaken, het Ministerie van Buitenlandse Zaken en het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Er is ook een Ministerie van Defensie, een Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, een Ministerie van Financiën en een Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Tot slot zijn er nog de Ministeries van Justitie en Veiligheid, Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit, Onderwijs Cultuur en Wetenschap, Sociale Zaken en Werkgelegenheid en als laatste Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Soms komt het voor dat bepaalde ministeries samengevoegd worden of juist opgesplitst. Zeker in het verleden kwam dit nog weleens voor. Ook in 2010 zijn er nog ministeries toegevoegd aan de reeds bestaande ministeries.

Politieke blunder

In de loop der jaren zijn er aardig wat politieke rellen geweest. De papieren die Ollongren onder haar arm droeg en waarop aantekeningen over de formatiebesprekingen waren te lezen was absoluut niet de eerste blunder die gemaakt werd. Foto”s of mailtjes die zijn uitgelekt, microfoons die nog aan stonden en zo zijn er nog vel meer voorbeelden van blunders. Ook de pijnlijke confrontatie van Klaas Dijkhoff met een 8-jarig jongetje dat uitgezet zou worden naar Irak kwam onder vuur te liggen. De kledingkeuze van de toenmalige premier Jan Peter Balkenende was ook niet altijd slim. Het T-shirt met de tekst “Fuck Drugs” tijdens een bezoek aan een bijeenkomst van Moedige Moeders was hier een goed voorbeeld van.

Uitspraken

Dan hebben we natuurlijk ook nog de beroemde uitspraak van Wilders: “Minder, minder, minder…” Die heeft ook aardig wat stof doen opwaaien met rechtszaken tot gevolg. Ook Minister Ank van Bijlveld van het Ministerie van Defensie moest het boetekleed aantrekken nadat ze flink had geblunderd met een tweet. Soms gaat het om een simpele taalblunder, zoals bij de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns. Die schijnt tegen Kennedy de volgende uitspraak gedaan te hebben: “”I fok horses” wat natuurlijk “I breed horses” moet zijn. Het laat in ieder geval zien dat politici ook maar gewoon mensen zijn.